Zijn elektrische wagens werkelijk schoner?

Over elektrische wagens bestaan talrijke vooroordelen. Sommigen zeggen dat ze even vervuilend zouden zijn als diesel- of benzinewagens. Wat is er nu werkelijk van aan?

De productiekost in CO2-uitstoot

Bij de productie genereert de bouw van een elektrische wagen 50 % meer CO2 dan een benzine- of dieselwagen. De productie is immers complexer en vraagt meer grondstoffen, in het bijzonder zeldzame metalen waarvan de ontginning veel energie vraagt en significante vervuiling met zich meebrengt.

Compensatie tijdens de gebruiksduur

Hoewel het waar is dat de CO2-productie bij de bouw van de wagen groter is, is de koolstofschuld zeer snel weggewerkt. Na 30.000 à 40.000 kilometer is de koolstofbalans tussen een elektrische wagen en een thermische wagen in evenwicht. We merken op dat een elektrische wagen duidelijk minder aan slijtage onderhevig is en bijgevolg langer meegaat.

Als de elektrische wagen gevoed wordt met schone energie, dan produceert hij, globaal gezien over zijn volledige levensduur,  twee keer minder broeikasgassen dan een benzine- of dieselwagen.

Groene elektriciteit, een noodzaak

Zodra de wagen in gebruik genomen is, moet hij met elektrische stroom opgeladen worden. Deze moet dus upstream geproduceerd worden. In vele landen, zoals bij onze Duitse buren, is de productie van elektriciteit nog sterk afhankelijk van gas- of steenkoolcentrales. Deze genereren CO2; het probleem wordt in dat geval dus naar de bron verschoven.

In België is de situatie anders, er wordt meer en meer ingezet op de productie van elektriciteit via hernieuwbare energie. Zo beschikt Belgiëover een pak  windmolenparken met in totaal meer dan 1162 turbines. Bovendien blijft het aantal windmolens dat gebouwd wordt, jaar na jaar toenemen.  We rekenen de zonnepanelen bij privépersonen of op bedrijfssites hier nog niet mee. Aangezien het land in de komende decennia wil streven naar meer groene energieproductie, lijkt de elektrische wagen opnieuw van groot belang te zijn voor de toekomst en voor de beoogde beperking van de uitstoten van broeikasgassen.

De recyclage kwestie

Momenteel is de recyclage van de batterijen van elektrische wagens zeer duur. De constructeurs verkiezen vandaag dus liever om te investeren in nieuwe materialen om nieuwe voertuigen te bouwen dan om gebruikte batterijen te recycleren.

Er worden wel steeds meer inspanningen gedaan om de impact van de batterijen op het milieu zoveel mogelijk te beperken. Zo verplicht de Europese Unie de constructeurs sinds 2011 om minimaal 50% van de batterijen te recycleren.

Ook de wetenschap staat niet stil. Er  worden momenteel vernieuwende technologieën onderzocht om de elektrische wagen zo neutraal mogelijk te maken voor het milieu. Zo bestuderen onderzoekers vandaag bijvoorbeeld  de mogelijkheid om lithium te vervangen door natrium, dat in overvloed voorradig is.

De globale evolutie van de mobiliteit

De mobiliteit van de toekomst gaat trouwens niet alleen over wagens. Het betreft eigenlijk een complete revolutie van de manier waarop eenieder van ons zijn verplaatsingen zal moeten organiseren. De mobiliteit van de toekomst wordt multimodaal: ze omvat het openbaar vervoer, carpooling en nieuwe elektrische vervoersmiddelen zoals het hoverboard, de elektrische eenwieler en elektrische steps.

Wist u dat Luminus mobiliteitsoplossingen voor bedrijven aanbiedt? Ontdek ons e-mobilityaanbod.